Ontwikkeling
Toekomstige ontwikkelingen Fosim
Voor het in- en uitschakelen van spits- en plusstroken wordt aangesloten bij de aansturing hiervan in verkeerscentrales. Een combinatie van intensiteit en snelheid bepaalt de openstelling en sluiting van spits- en plusstroken (wel na menselijke tussenkomst). Ter illustratie de volgende matrix.
| In- en uitschakelen spitsstrook A26 Zuiddorp - Extrahuizen | ||
|---|---|---|
| Aan | Uit | |
| Intensiteit [vth/h] | > 3.000 vtg/h | < 2.500 vtg/h |
| Snelheid [km/h] | < 80 km/h | > 80 km/h |
| 'en' | Ja | Ja |
| 'of' | [nee] | [nee] |
Als intensiteit meer dan 3.000 voertuigen per uur is en de snelheid minder is dan 80 km/uur dan gaat de spitsstrook open. De spitsstrook gaat dicht als de intensiteit minder is dan 2.500 voertuigen per uur en de snelheid hoger dan 80 km/h is. Er kan ook gekozen worden voor de conditie ‘of’, waardoor aan één van beide voorwaarden voldoen moet worden.
De extra toe te voegen elementen hebben betrekking op het wisselen van een modelleringstroken 1-12 zonder dat sprake is van rijstrookwisselen. Zie de onderstaande figuur.
Door de uitvoegstrook van de hoofdrijbaan aan de rechterzijde van de simulatie, moet de parallelbaan een strook opschuiven. Dit moet nu nog gemodelleerd worden als een soort weefvak zonder bestemmingskeuze. Voor deze situatie zullen diverse nieuwe elementen ontwikkeld worden die dit beter oplossen. Dit is te zien in de onderste simulatie.
De implementatie van smalle rijstroken voor de nieuwe FOSIM-versie 6.0 is gepland voor de zomer van 2010. Het gaat daarbij om de modelontwikkeling, kalibratie en validatie. Smalle rijstroken vinden tegenwoordig een brede toepassing bij tijdelijke situatie (wegwerkzaamheden) en bij spits- en plusstroken.
Ter informatie wordt hieronder de opdrachtomschrijving gegeven.
In het kort gaat het om de modelontwikkeling, kalibratie en validatie van smalle rijstroken in het microsimulatieprogramma Fosim.
Modelontwikkeling
- Literatuuronderzoek
- Brainstorm onder deskundigen
- Rangschikken naar belang (invloed capaciteit, filelengte, shotgolven etc.)
Kwantificeren van parameters, zoals maximale intensiteit bij diverse rijstrookbreedten, fundamentele relaties en volgtijdverdelingen. Dit zal moeten gebeuren met behulp van bestaande informatiebronnen. Onderzoek naar gevoeligheid van bestaand model voor waarden van niet-kwantificeerbare parameters. Aanpassen model voor smalle rijstroken. De implementatie in de software zal door de beheerder van Fosim (Enigmatry) geschieden.
Kalibratie van model
Bepalen default-waarden en marges voor invloedrijke parameters en vervolgens bijstellen van parameters 3.
Validatie
Vergelijken van gesimuleerde waarden met aangepaste Fosim met gemeten data van de verkeersafwikkeling (capaciteit, rijstrookverdeling, volgtijden etc.)
Eventueel kunnen het model en/of parameters worden aangepast en dient het proces opnieuw doorlopen te worden.
Indien het de kwaliteit te goede komt zijn er mogelijkheden voor aanvullende dataverzameling.